Nieuws & Evenementen

Indaver en ISVAG zetten de schouders onder uitbouw van warmtenetten in Antwerpen

De zeer grote belangstelling voor de workshop over warmtenetten die vandaag in Antwerpen werd georganiseerd, toont aan dat het concept stadsverwarming eindelijk ook terrein wint in Vlaanderen. Voor een publiek van meer dan 200 Vlaamse deelnemers, schetsten een aantal Deense bedrijven en organisaties, hoe de Denen in de afgelopen 100 jaar een ongeëvenaarde knowhow op vlak van “district heating” hebben opgebouwd.

Denemarken beschikt intussen over meer dan 30.000 kilometer aan pijpleidingen voor transport en distributie van stadsverwarming. In Vlaanderen hebben we tot nu toe een magere 50 kilometer aan pijpleidingen voor stadsverwarming gerealiseerd. Stadsverwarming heeft bij de Deense huishoudens een dominante positie ingenomen als verwarmingsoplossing, terwijl Vlaanderen nog steeds afhankelijk is van gas en andere fossiele brandstoffen. Toch zijn de voordelen van stadsverwarming het meest zichtbaar in gebieden met een hoge energievraag ... zoals Vlaanderen. District heating biedt een groot potentieel om vervuilende luchtemissies in Vlaanderen te verminderen: oudere huizen, vaak veel minder goed of helemaal niet geïsoleerd, en verwarmd met stookolie, gas of houtkachels, hebben een grote negatieve invloed op de luchtkwaliteit in en rond onze steden. Ons land kampt daarnaast ook met een tekort aan productiecapaciteit voor elektriciteit. Het risico op een black-out is nooit groter geweest. Het is de overheid menens met de uitbouw van hernieuwbare energie. Maar in een regio als de onze, met vele dagen wanneer de zon nauwelijks zichtbaar is, veel windstille perioden en, bovenal, weinig vrije ruimte beschikbaar, zullen we alle zeilen moeten bijzetten.

Stadsverwarming is zonder enige twijfel een van de oplossingen voor de uitdagingen van het energievraagstuk. Daarom neemt ISVAG, de intercommunale die instaat voor de verwerking van het niet-recycleerbaar huishoudelijke restafval van meer dan 1 miljoen inwoners in en rond Antwerpen, de handschoen op. De bouw van een gloednieuwe high-tech afval-energiecentrale is een opportuniteit om nog meer te focussen op energie-efficiëntie, verduidelijkt ISVAG voorzitter Philip Heylen: “In het verleden was ons motto dat we afval verwerken met zo weinig mogelijk impact op het milieu. Nu gaan we een stap verder en we draaien de dingen om. We willen een zo groot mogelijke impact! Een positieve impact door een belangrijke bijdrage te leveren aan het garanderen van een stabiele energievoorziening en ervoor zorgen dat aanzienlijke hoeveelheden emissies van vele kleine particuliere stookinstallaties in de regio verdwijnen.”

In eerste instantie bouwt ISVAG een mini-warmtenetwerk van ongeveer 1,6 km waarmee warmte wordt geleverd aan nabijgelegen bedrijven in Wilrijk (3 MW). In een tweede fase, wanneer de nieuwe installatie operationeel zal zijn, wil ISVAG een groter netwerk van 12 km uitrollen in de richting van Wilrijk en de stad (> 50 MW). Het is de bedoeling dat hieraan ook andere warmtebronnen kunnen worden gekoppeld en dat het netwerk zelf op lange termijn kan worden verbonden met andere nieuwe, nog te realiseren, netwerken.

Tegelijk neemt ook INDAVER initiatieven om de restwarmte uit haar installaties duurzaam te valoriseren. Eerder dit jaar sloot INDAVER samen met de stad Antwerpen, het Havenbedrijf en Fluvius een strategisch partnerschap om te onderzoeken hoe de restwarmte van de thermische installaties van INDAVER gebruikt kan worden voor stadsverwarming. In haar verbrandingsinstallaties die in het Antwerpse havengebied liggen, komt veel warmte vrij. Deze wordt nu al gebruikt voor bedrijfsprocessen en productie van elektriciteit. De warmte die overblijft na productie van elektriciteit is nog uitermate geschikt voor verwarmingstoepassingen, een duurzaam alternatief voor het gebruik  van fossiele brandstoffen. Wanneer het project in uitvoering zal gaan, zal de restwarmte door een leiding 12 kilometer verderop getransporteerd worden naar 3000 gezinnen, 7 scholen en enkele openbare gebouwen in de woonwijken Luchtbal en Rozemaai. Onderweg voorziet ze een aantal industriële afnemers in het havengebied van warmte. Wanneer het leidingnet volledig is aangelegd, zal dit warmtenet van Indaver een jaarlijkse CO2-besparing van 27.000 ton opleveren.

Paul De Bruycker, CEO INDAVER: “We moeten dringend evolueren naar een circulaire economie om onze grondstoffen en fossiele brandstoffen te sparen. Wij hebben hiervoor een lange termijnvisie en investeren daarom in een strategische transportleiding voor de levering van warmte uit de installaties van INDAVER naar industriële bedrijven en de distributienetten. Duurzame warmte op de meest efficiënte manier valoriseren zoals we dat in Antwerpen  plannen, is alvast een grote stap in de goede richting.”

Op deze manier bouwen we – samen slim – een breed regionaal netwerk uit, dat aanzienlijk zal bijdragen aan een klimaatneutrale, slimme stad.